maandag 10 augustus 2015

Zomergast

RGB Free: by krappweis
Toen ik op pakweg zestienjarige leeftijd voor het eerst een aflevering van Zomergasten zag, begreep ik meteen dat dit het hoogst haalbare in een mensenleven is: Zomergast te zijn.
  Drie uur televisie om jou heen, Nederland dat aan je lippen hangt.
  Ik nam mij voor ook Zomergast te worden, maar naarmate de jaren verstreken moest ik de realiteit onder ogen gaan zien: het Zomergastenschap is maar weinigen gegeven.
  Ik begreep dat je eerst een knap literair oeuvre bij elkaar moest schrijven, een florerende business op moest zetten of op z'n minst dertig jaar op televisie moest zijn geweest, voor je een uitnodiging kreeg om je te melden bij de VPRO-studio om bijgezet te worden bij de groten der aarde.
 
  Maar toen was daar Simone van Saarloos.
  En mijn droom was in één klap weer springlevend.

  Filosofe, een paar columns in de NRC Next en een boek in voorbereiding. Als ik nu als een dolle aan het werk ga, moet ik over vijf jaar klaar zijn voor het Zomergastenschap.
  Tot die tijd oefen ik alvast voor de spiegel, beslagen ten ijs komen is het halve werk. Ik heb gisteren naarstig aantekeningen gemaakt en ik denk dat ik nu al aardig voor de dag zou komen. Hier zou ik bijvoorbeeld de avond mee openen:

   'Ik merkte dat mijn fragmenten allemaal te maken hebben met zand. Het zand van het strand, het zand van de zandloper, zanderige tijd die aan het strand verstrijkt.'
  
  'Alles is tijd, maar tegelijkertijd is tijd tijdloos en is tijd dus eigenlijk zelf helemaal geen tijd.'

   'Ik wil vragen stellen over tijd, die antwoorden oproepen die ervoor zorgen dat jij je af gaat vragen of je ideeën over tijd wel om antwoorden vragen, of dat ze zelf al een antwoord zijn, vermomd als een vraag.'

   'Jouw tijd en mijn tijd zijn niet per sé dezelfde tijd, de uitdaging is om onze tijd synchroon te laten lopen, een tijdloze zone te creëren binnen de tijd, waarin onze tijd de enige tijd is die bestaansrecht heeft, wat ons de vrijheid binnen de vrijheid oplevert, een dubbele vrijheid doordat de tijd er altijd tegelijk voor ons beide is.'

  'Jij hebt een kaal hoofd. Ik heb haar. De tijd heeft jouw haren doen verdwijnen. Voel eens aan mijn haar. Voel je het verschil? Voel je hoe de tijd verdwijnt als je mijn haar aanraakt? Waar zijn jouw haren in de tijd gebleven? Door symbolisch de tijd uit te vagen ga je terug in de tijd. Wat gebeurt er als je een pruik opzet en mensen denken dat je haar op je hoofd hebt? Ben je dan de tijd te slim af geweest? Ben je een bedrieger of een heilige met een pruik op je hoofd? Dat zijn de vragen waar ik wil dat wij vanavond over na gaan denken.'

  En dan start het eerste fragment: een obscure Indiaanse film over een ezeltje dat altijd tegen de klok in om de waterput heen loopt en geen dag ouder lijkt te worden.
 
De mensen zullen niet weten wat ze meemaken.

Geen opmerkingen: