We verzamelden ons in het gemeentehuis, daarna liepen we naar het Vughtse Reeburgpark. In het park kwamen we langs een grote groep ganzen, wat me deed denken aan die keer dat ik een groepje ganzen door het dorp naar het park begeleidde.
Ik heb daar een blogje over geschreven dat hier te lezen is. Bijna niet te geloven dat dat alweer bijna twaalf jaar geleden is. Het laat de waarde zien van een dagboek bijhouden, want hoewel ik me de gebeurtenis kan herinneren, was ik de details kwijtgeraakt. Om mezelf eens te citeren:
Ik gooide steeds een klein stukje brood een paar meter voor me uit, dit om de leider van me af te houden en het tempo erin te houden.
Al snel had ik niet alleen een troepje ganzen naast me op de stoep, maar ook een geïnteresseerd rijtje fietsers naast me op de straat.
'Wat doe je dat leuk', riep een vrouw. 'Je bent net zo iemand uit de Efteling.'
Zo ging het inderdaad, en als ik het niet had opgeschreven was die mevrouw voor altijd in het niets verdwenen, wat in dit specifieke geval misschien geen drama was geweest, maar ik vind het toch wel leuk om de herinnering weer terug te hebben.
In het park maakte een jongedame foto's van mijzelf en mijn voorgangster in het dorpsdichterschap, naast onze onlangs geplaatste gedichten.
'Daarnet lachte je wel lief,' zei ze. 'Kan je dat nog een keer doen?'
Al snel had ik niet alleen een troepje ganzen naast me op de stoep, maar ook een geïnteresseerd rijtje fietsers naast me op de straat.
'Wat doe je dat leuk', riep een vrouw. 'Je bent net zo iemand uit de Efteling.'
Zo ging het inderdaad, en als ik het niet had opgeschreven was die mevrouw voor altijd in het niets verdwenen, wat in dit specifieke geval misschien geen drama was geweest, maar ik vind het toch wel leuk om de herinnering weer terug te hebben.
In het park maakte een jongedame foto's van mijzelf en mijn voorgangster in het dorpsdichterschap, naast onze onlangs geplaatste gedichten.
'Daarnet lachte je wel lief,' zei ze. 'Kan je dat nog een keer doen?'
Ik deed mijn best om lief te lachen en daarna dronken ik met mijn collega-dichteres en de beschermheer der Vughtse poëzie nog wat op een terras, iets wat ik over twaalf jaar allicht vergeten ben, maar op deze manier toch voor de eeuwigheid behouden blijft.
Bericht met de foto's in het Klaverblad:
Mijn bijdrage:


