dinsdag 25 augustus 2026

Vriendjes

Weinig mensen weten dat Jesse Welles geboren is in een boom. Op een dag brak hij door de bast heen en stapte op de mossige grond van een bos in Arkansas. Hij schudde een paar keer met zijn hoofd, kreeg een gitaar aangereikt door een zwarte beer en begon te wandelen. De vogels zongen melodietjes, intuïtief plukten zijn vingers de juiste snaren aan. 
  De mensentaal pikte hij op door ’s avonds onder open ramen naar tetterende televisies te luisteren.
   
  Lang dacht hij dat hij de enige in zijn soort was.
  Toen liep hij op een dag over een groene weide en hoorde een echo. Er klonk een tweede gitaar, een tweede mensenstem. Zijn spiegelbeeld hielt halt op een halve meter afstand. Sprakeloos staarden de twee elkaar aan.
 
  ‘Jesse’, zei Jesse, terwijl hij naar zichzelf wees.
  ‘Daniel’, zei de ander, die ook naar zichzelf wees.
  ‘Bob Dylan?’ vroeg Jesse.
  ‘Bob Dylan’, bevestigde Daniel.
 
  Grijnzend begonnen ze te spelen, de vogels luisterden aandachtig en een eindje verderop tikte een zwarte beer goedkeurend de maat op een boomstam.