donderdag 9 mei 2019

Opluchting

Foto: Pixabay
De uitschakeling van Ajax in de Champions League zal bij veel voetbalsupporters een zucht van opluchting hebben ontlokt. Als je voor PSV of Feyenoord bent, waren de afgelopen maanden bijna ondraaglijk.

  'Mijn zoon is voor Feyenoord', zei René van der Gijp tijdens de voorbeschouwing, 'die kijkt al maanden geen tv meer.'
  Dick Advocaat vond dat onbegrijpelijk ('je bent toch Nederlander'), maar Wilfred Genee begreep het wel: 'dat zijn supporters.'

  Een andere verklaring zou kunnen zijn: 'dat is nu eenmaal tribalisme'.
  Het is vrij ironisch dat er in het voetbal steeds meer verwoede pogingen gedaan worden om het verschrikkelijke fenomeen racisme uit te bannen: racisme is hetzelfde soort tribalisme als waar voetbal al honderd jaar haar bestaansrecht aan ontleent. Het enige verschil is dat het maatschappelijk geaccepteerd is om mensen met het verkeerde voetbalshirtje te haten, terwijl het een doodzonde is om mensen met het verkeerde huidskleurtje te haten.

 Toen Stef Blok een half jaar geleden per ongeluk zei wat hij echt dacht, namelijk dat mensen van nature een beetje racistisch zijn, kwam er bij Pauw een Amnesty-medewerker aanschuiven die op hoge toon verklaarde dat Blok maar eens een dagje bij Amnesty International moest meelopen.
  Dan zou Blok wel inzien dat mensen van nature ontzettend ruimdenkend zijn.

  'Toon mij tien ruimdenkende Amnesty-medewerkers', dacht ik toen. 'En ik toon je een stadion met vijftigduizend schuimbekkende Feyenoord-supporters.'

donderdag 21 maart 2019

Afgeleid

RGB Free, by thoroe
Gisteren kon er gestemd worden voor de Provinciale Staten. In het stemlokaal in het bejaardenhuis lette ik scherp op eventuele aanwezigheid van leden van het partijkartel.
  Deze kon ik niet vinden, maar 's avonds was ik er toch niet helemaal gerust op. Misschien was het kartel nu wel bezig om mijn zorgvuldig uitgebrachte stem door de versnipperaar te halen, en er een stem voor het kartel van te maken.

   Terug naar het bejaardenhuis.

  De voordeur ging niet meer automatisch open: dit stemde me meteen argwanend. Ik belde aan, voorbereid op het ergste. 

  'Waar komt u voor?'
  'Ik kom voor het stembureau.'

  Ik mocht meteen doorlopen, het tellen van de stemmen bleek in volle gang. Een oudere vrouw kwam op me af.

  'Komt u meekijken?', vroeg ze. 'Wat ontzettend leuk, we hebben hier nog nooit een meekijker gehad.'

  Ik ging zitten om het democratisch proces te observeren, maar schoot meteen weer overeind. In de hoek van de ruimte zaten drie mannetjes, waarvan er een verdacht veel op Sybrand van Haersma Buma leek.
  Ik wandelde op de mannen af, om vast te stellen dat het hoogbejaarde heren waren die naar een voetbalwedstrijd zaten te kijken. Op een groot scherm werd Duitsland-Servië vertoond. Ik was onmiddellijk gegrepen door de verwikkelingen op het beeldscherm en pas toen het fluitje klonk voor de rust, werd ik me weer bewust van mijn eigenlijke doel. Ik liep terug naar de stemmentellers, die juist enveloppen aan het dicht likken waren.

  'Het zit er alweer op', lachte de vrouw. 'Wat fijn dat u meegekeken hebt.'

  Ontzet besefte ik wat er gebeurd was: het kartel had alsnog zijn slag kunnen slaan, door mij slinks af te leiden met een strategische opgesteld televisietoestel. Verslagen sleepte ik me door de stille nacht terug naar huis.

  'Next time, Rutte', mompelde ik terwijl ik de kat op schoot nam. 'I'll get you next time.'

vrijdag 1 februari 2019

Speurtocht

RGB Free, by MSCXP
 Bedekt met sneeuw is de wereld zowel zachter als stiller, beide zijn een aanzienlijke verbetering. De sneeuw zet alles in een helder licht en bevriest het filmbeeld. Nog meer dan anders voelt het alsof je door het verlaten decor van je verleden struint.

  Je volgt een spoor in de sneeuw, opeens weet je zeker dat het je ergens naartoe gaat brengen. De stappen zijn trefzeker in het witte poeder geëtst, hier heeft iemand met aandacht de lijnen voor je uitgezet.
  Je slaat een hoek om naar de straat waar je afscheid van haar nam, dat kan geen toeval zijn. Het muurtje waar je vroeger tegen voetbalde komt voorbij. De mooiste goals heb je hier gemaakt, de boze buurman zal inmiddels wel overleden zijn.
  Gedempt hoor je gelach de hoek om waaien: schoolvrienden die je af komen halen voor piekuur in de stad. Bier voor een gulden: vijfentwintig glazen op de bar.
  De voetstappen gaan dichter naar elkaar, je bestemming komt in zicht. De laatste halte, je kijkt omhoog: het appartement waar je al jaren woont. De cd die je bij weggaan had opgezet staat nog steeds te draaien:

  Talking to myself again 
  this time i think i'm getting through.

  Wat wilde je jezelf vertellen? Je weet het niet zeker, maar als je morgen hetzelfde rondje maakt, kom je vast een stukje dichterbij.


 

donderdag 17 januari 2019

Plexit

Foto: Wikipedia
Ik zat juist naar de trailer van 'Mary Queen of Scots' te kijken, toen mijn twee poezen zich voor het scherm posteerden.

 'We moeten even praten', zei de ene.
 'We hebben een referendum gehouden', zei de andere.

Ik probeerde ze opzij te duwen, wat alleen maar tevreden geknor opleverde.

 - Hebben jullie dit al gezien? Een historische film over 16e-eeuws Engeland met zwarte mensen, Aziaten en een koningin die mannen loopt te commanderen als een 21-eeuwse Disney-prinses.

'We hebben geen tijd voor jouw reactionaire praatjes', antwoordde de brutaalste. 'Wij willen een Plexit.'

  - Waar staat de PL voor?

'Een exit voor pluizige poezen. Wij zitten opgesloten in jouw kaalhuidige wereldbeeld. Je onderdrukt ons met je antropologische denkwijze en geïnstitutionaliseerde menselijke normen.'

Ik knikte. Hier moest het een keer van komen.

  - Dus jullie willen een kattenluik? En de stemming was unaniem? Realiseren jullie je wel dat buiten die grote rode kater rondloopt? Als jullie naar buiten kunnen, kan die ook naar binnen.

De brutaalste haalde haar schoudertjes op, maar de andere begon zenuwachtig aan het tafelkleedje te plukken.

  'Kunnen we niet een luikje maken waar alleen wij doorheen kunnen', vroeg ze zachtjes. De andere gaf haar meteen een haal.
  'Geen concessies', mauwde ze. 'We willen een harde plexit. We maken geen dealtjes met tweepotige onderdrukkers.'

   - Jullie krijgen je zin, zei ik.  Maar realiseer je wel dat ik elke dag brokken in jullie bakjes stort. Willen jullie je relatie met mij echt op de spits drijven?
  De brutale was al van tafel gesprongen en verwaardigde zich niet eens tot een antwoord. De andere zat me met grote ogen aan te kijken.
 
  'Misschien moeten we nog maar een keer gaan stemmen', mompelde ze zachtjes voordat ze snel naar haar voederbakje hobbelde.

zondag 16 december 2018

De lege schepper - over Joost Zwagerman, waterhoentjes en kunstklampen

Foto: Wikipedia
In die mooie documentaire over Joost Zwagerman zat een scène die wat mij betreft alles wel samenvatte.
  In een rokerig café eind jaren tachtig worstelt Zwagerman zich richting kunstenaar Peter Klashorst, die aan de bar stoïcijns bier zit te drinken.
  Zwagerman ziet eruit als een ambitieuze student Nederlands, als een volwassene tussen kinderen, als Mark Rutte op een brugklasfeest.
  Hierna komen we te weten dat Zwagerman zo graag een kunstenaar wilde zijn, want die 'leefden echt.' Maar hij durfde niet. Vandaar ook de titel van de documentaire: 'Voor alles bang geweest.'

  Angst zal er zeker mee te maken hebben, maar angst kan overwonnen worden. Als ik Joost Zwagerman door zo'n kroeg zie lopen, zie ik vooral het onthechte dier dat de mens is. Verdwaald in symbolen, boeken, letters, verdwaald in cultuur en volkomen onmachtig om nog, als een verzadigde kat, aan niets anders te denken dat het vreten voor je neus.
  Dat verklaart, paradoxaal, waarom Klashorst de betere kunstenaar was en Zwagerman met name een sterke essayist.
  Zwagerman was als de vader van K. Schippers in het gedicht 'Opening van het visseizoen':

Eindelijk buiten.

Water is water.
Riet is riet.
Een eend lijkt op een eend.

Maar nu begint mijn vader (62) weer.

Hij noemt waterhoentjes strijkbouten
en vindt dat de maan
ondergaat
als de
zon.


De mens als eeuwige betekenisgever, de mens als het onthechte dier dat nooit naast het water naar een waterhoentje kan kijken, terwijl het gewoon naast het water naar een waterhoentje zit te kijken. Het water moet weer kabbelen, het waterhoentje is een strijkbout en zo gaan we nog wel even door.

Het probleem is dat als je eenmaal in deze intellectualiserende valkuil bent getrapt, je nooit meer thuis kan zijn in een wereld die alleen maar uit riet en waterhoentjes bestaat. Je gaat kunstklampen: je hebt boeken nodig, letters, woorden, liedjes, films, gedichten en alles wat maar enigszins door mensen vorm is gegeven, omdat daar buiten niets meer bestaat.
  Daarbuiten dreigt het niets.
  En het niets is met veel: een hoop om bang voor te zijn. De titel van die documentaire (Voor alles bang geweest) komt dan ook uit een gedicht van Zwagerman zelf: 'Voor alles', een lange opsomming van zaken waar de verteller altijd bang voor is geweest. Het gedicht lijkt op een gedicht van Maria Barnas en op een gedicht van M.Vasalis:

  Angst

  Ik ben voor bijna alles bang geweest:
  voor 't donker, voor figuren op het kleed,
  voor stilte, voor de schorre kreet
  van de avondlijke venter, voor een feest [...]

Het is iets dat altijd een beetje aan Zwagerman kleefde en ook in de documentaire verwoord wordt: hij was vooral een kunstveelvraat, een sterk essayist en ongelooflijk belezen. Maar zijn eigen werk barstte niet van de originaliteit, het riekte naar epigonisme.
  Misschien is dat wel de ironie: iemand als Peter Klashorst zit als een kat naar zijn bier te staren en is daarom juist in staat originele kunst te maken. Eerst moet je de wereld zien zoals hij zich werkelijk aan je voordoet, ongefilterd door onderwijzers en literatuur, zodat je hem daarna, onder je eigen voorwaarden, in de vorm van kunst, weer uit kunt spugen.
  Bevind je je echter vanaf het moment dat je je eerste woordjes leert al in een wereld waarin waterhoentjes strijkbouten zijn, dan wordt het nooit meer wat met de echte kunst. Dan ben je gedoemd iemand te blijven die vooral 'heel goed uit kan leggen hoe anderen het hebben gedaan', in de woorden van Zwagermans vriend Bart Chabot. Of in de woorden van Harry Mulisch in 'Voer voor psychologen':

  Wie bestaat, maakt niets. De schrijver moet leeg zijn, niet bestaan, zoals de schepper van hemel en aarde.

zaterdag 1 december 2018

Gruwelijk

RGB Free, by tacluda
Voor René van der Gijp en Johan Derksen, de mannen van Veronica Inside die in een rel over opmerkingen rond homoseksualiteit terecht zijn gekomen, is homofilie een bron van humor.
  Het humoristische aspect van homoseksualiteit heeft waarschijnlijk te maken met het feit dat seks tussen mannen nog steeds een beetje taboe is, zoals al wordt verklaard in Leviticus 18, vers 22:

  'Je mag niet het bed delen met een man zoals met een vrouw, dat is gruwelijk.'

 Ook Gijp en Derksen vinden homoseksualiteit nog steeds een beetje vies, en ze betonen zich daarmee keurige kleinburgers: seks heb je met je vrouw, en anders moet je je een beetje schamen.
  De boze Twittermoralisten volgen ondertussen een nieuwe editie van het heilige boek. In Wekker 19, vers 28 staat immers:

  'Je mag als witte heteroseksuele man geen negatieve mening over zwarte mensen, vrouwen of homoseksuelen verkondigen, dat is gruwelijk.'

  Het heeft er alle schijn van dat we anno 2018 weer op een heuse godsdienstoorlog afstevenen, waarbij de volgers van het Evangelie van Gijp bloederig slag zullen leveren met de aanhangers van het Evangelie volgens Wekker.

zaterdag 17 november 2018

Psychologiseren

Bij Nieuwsuur verklaarde filosofe Marli Huijer dat beide kampen van de Zwarte-Pieten-strijd zich meer in elkaars standpunten moeten verdiepen.
  Huijer is voormalig denker des vaderlands, waarschijnlijk de reden dat haar bijdrage weinig vruchtbaar zal zijn.
  Wat we nodig hebben, is namelijk een psycholoog des vaderlands. Aangezien deze positie nog niet is ingevuld, zal ik hem zolang waarnemen.

  Het hele verhaal begint zo'n twintig jaar geleden op enkele basisscholen verspreid door het Hollandse landschap, waar zesjarige Quinsy's, Harriëtten en Sylvana's door hun schoolgenootjes worden gepest:  'Zwarte Piet', 'Roetneger', 'Ga je gezicht eens wassen', etc.
  Dit kweekt een aardig diep trauma dat zich zo'n twintig jaar later openbaart als een verbeten strijd tegen het 'racistische karakter' van Zwarte Piet, in wezen een strijd tegen hun voormalige pestkoppen.
  Door van hun persoonlijke ervaring een nationale schande te maken, krijgen ze onmiddellijk steun van de tweede partij in de strijd: de in Nederland zo'n vijf jaar geleden wakker geworden 'Social Justice Warriors.'
  De SJW is een uit Amerika overgewaaid fenomeen uit linkse hoek: moraalridders die op elke straathoek een verschrikkelijk fenomeen van racistische, seksistische, homofobe of anders discriminerende aard ontwaren, en hun leven in dienst stellen van het bestrijden van al dit onrecht.
  Voor de Nederlandse SJW is de Zwarte-Pieten-controverse een geschenk uit de progressieve hemel: eindelijk valt er in de Hollandse klei ook wat sociaal onrecht uit te roeien.

  De fanatieke lobby van de gekwetste kinderzielen en de progressieve moraalridders tegen de Vrolijke Kindervriend is echter een klap in het gezicht van de derde partij: de Gewone Nederlander. De Gewone Nederlander woont in de provincie en heeft sowieso al een bloedhekel aan alles wat uit Amsterdam komt. De Gewone Nederlander is het eerste lid uit zijn familie dat überhaupt ooit een Afrikaan in het echt heeft gezien. De Gewone Nederlander heeft nog nooit van white privilege gehoord, weet niet wat 'intersectioneel racisme' is, noemt transgenders nog gewoon travestieten en denkt bij genderneutrale toiletten dat hij in de zeik wordt genomen.
  De Gewone Nederlander wil gewoon Sinterklaas vieren, zoals hij dat al veertig jaar doet.

  De enige partij voor wie een oplossing van het Zwarte-Pieten-probleem werkelijk waarde zou kunnen hebben, is de eerste. Het is denkbaar dat het afschaffen van Zwarte Piet zekere pijn verlicht bij deze mensen. Het is toch een beetje alsof je tien jaar lang gepest bent met 'brillenjood', waarna je tijdens de rest van je leven elk jaar drie weken naar een lollige 'brillenjodenparade' moet kijken, vol met mensen die gek doen met een brilletje.

  Voor de andere twee partijen zal een oplossing echter slechts van korte duur zijn. Na het afschaffen van Zwarte Piet vinden de moraalridders wel weer een nieuw sociaal probleem wat onmiddellijk moet worden opgelost, en de Gewone Nederlander zal zich ook aan deze nieuwe kwestie weer helemaal kapot gaan ergeren.
  Dat een van deze drie partijen uit zichzelf de strijd zal staken, is vrij onwaarschijnlijk.
  Daarvoor is Zwarte Piet voor twee van de drie partijen teveel met name een symbolische strijd: de strijd van links tegen rechts, van progressiviteit tegen traditie, van randstad tegen provincie, van hoogopgeleid tegen laagopgeleid.
  De strijd om Zwarte Piet is verworden tot de strijd om de Hollandse ziel, hoe vervelend dat ook is voor de mensen die gewoon niet meer aan die pijnlijke pesterijen herinnerd willen worden.