Mijn inzending voor een schrijfwedstrijd heeft nul likes. Ook voelt niemand zich geroepen er iets over te zeggen. Ik vat dit niet op als een persoonlijke belediging, maar als een belediging voor iedereen die werkzaam is in de waterkokerindustrie. De eerste regels van het verhaal luiden:
Als ik ergens een hekel aan heb, dan is het wel aan mensen die zeggen authentiek te zijn. Deze haat kostte mij onlangs mijn baan, hoewel dit onverwachte ontslag zeker ook toe te schrijven was aan een nauwelijks te onderdrukken hartstocht voor de dochter van de directeur.
Hierna volgt een fascinerend inkijkje in het waterkokerwereldje. Het verhaal is hier te lezen.
maandag 20 oktober 2014
dinsdag 30 september 2014
Attractie
Terwijl ik zat te ontbijten, drong het langzaam tot me door dat er buiten iets aan de hand was. Een paniekerig gakken dat steeds intenser werd waaide door het raam naar binnen.
Ik keek naar buiten.
Vijf ganzen bewogen zich schommelend door de straat, ze loerden wat door etalages en waren duidelijk in paniek. Er kwam een auto voorbij die er bijna één schepte. Er kwam een vrouw voorbij die haar telefoon tevoorschijn haalde, een paar foto's maakte en weer doorliep.
Dat schoot lekker op zo.
Juist toen in ik overwoog of je voor zoiets de dieren-hulplijn kan bellen, ging de telefoon. 'Er staan vijf ganzen voor de deur', zei ik tegen mijn vriendin. 'Ze zijn verdwaald.'
'Pak een boterham en leidt ze naar het park', was de suggestie die terugkwam, een in al zijn eenvoud vrij goed plan, al zeg ik het zelf.
Ik pakt twee boterhammen en liep de straat op. De leider van het groepje, een grote grijze gans, had me meteen al in de smiezen en kwam blazend en met gespreide vleugels op me af rennen. Meteen zette ik er flink de pas in richting het park, dit ging zo van een leien dakje. Kort achter de leider trippelden nog twee grijze ganzen en een paar meter daarachter sukkelden twee witte ganzen.
Ik gooide steeds een klein stukje brood een paar meter voor me uit, dit om de leider van me af te houden en het tempo erin te houden.
Al snel had ik niet alleen een troepje ganzen naast me op de stoep, maar ook een geïnteresseerd rijtje fietsers naast me op de straat.
'Wat doe je dat leuk', riep een vrouw. 'Je bent net zo iemand uit de Efteling.'
Het park kwam al in zicht, we moesten even wachten om een straat over te kunnen steken, toen ik doorkreeg dat ik die twee slome witten kwijt was geraakt.
'Ze zijn de Jumbo ingegaan', bracht een man me op de hoogte, en hij wees naar de ingang van de supermarkt.
Tot nu toe was het een vrij strakke operatie geweest, maar nu begon ik toch lichtelijk in paniek te raken. Om die witten weer terug te krijgen moest ik terug lopen, terwijl die grote grijze agressief werd als ik hem niet bezig hield.
Godzijdank kwamen ze juist weer de Jumbo uitgeschommeld, waarna ze werden onthaald op een terechte scheldkanonnade van hun grijze vriendjes en ik mijn zegetocht naar het park kon voltooien.
Ik keek naar buiten.
Vijf ganzen bewogen zich schommelend door de straat, ze loerden wat door etalages en waren duidelijk in paniek. Er kwam een auto voorbij die er bijna één schepte. Er kwam een vrouw voorbij die haar telefoon tevoorschijn haalde, een paar foto's maakte en weer doorliep.
Dat schoot lekker op zo.
Juist toen in ik overwoog of je voor zoiets de dieren-hulplijn kan bellen, ging de telefoon. 'Er staan vijf ganzen voor de deur', zei ik tegen mijn vriendin. 'Ze zijn verdwaald.'
'Pak een boterham en leidt ze naar het park', was de suggestie die terugkwam, een in al zijn eenvoud vrij goed plan, al zeg ik het zelf.
Ik pakt twee boterhammen en liep de straat op. De leider van het groepje, een grote grijze gans, had me meteen al in de smiezen en kwam blazend en met gespreide vleugels op me af rennen. Meteen zette ik er flink de pas in richting het park, dit ging zo van een leien dakje. Kort achter de leider trippelden nog twee grijze ganzen en een paar meter daarachter sukkelden twee witte ganzen.
Ik gooide steeds een klein stukje brood een paar meter voor me uit, dit om de leider van me af te houden en het tempo erin te houden.
Al snel had ik niet alleen een troepje ganzen naast me op de stoep, maar ook een geïnteresseerd rijtje fietsers naast me op de straat.
'Wat doe je dat leuk', riep een vrouw. 'Je bent net zo iemand uit de Efteling.'
Het park kwam al in zicht, we moesten even wachten om een straat over te kunnen steken, toen ik doorkreeg dat ik die twee slome witten kwijt was geraakt.
'Ze zijn de Jumbo ingegaan', bracht een man me op de hoogte, en hij wees naar de ingang van de supermarkt.
Tot nu toe was het een vrij strakke operatie geweest, maar nu begon ik toch lichtelijk in paniek te raken. Om die witten weer terug te krijgen moest ik terug lopen, terwijl die grote grijze agressief werd als ik hem niet bezig hield.
Godzijdank kwamen ze juist weer de Jumbo uitgeschommeld, waarna ze werden onthaald op een terechte scheldkanonnade van hun grijze vriendjes en ik mijn zegetocht naar het park kon voltooien.
zaterdag 27 september 2014
Motivatie
Zelf heb ik Zwarte Piet altijd vooral als een niet-menselijk duiveltje gezien: met zijn zwarte gezichtje loert hij door ramen, hij klautert over daken, hij houdt je in de gaten en hij heeft iets watervlug pesterigs over zich. Maar ook het negerslaafje zie ik er wel in: het slavenpakje, het meer onderdanige, de dikke lippen en de oorbellen, het gebrekkige Nederlands.
De vraag of Zwart Piet racistisch is, kunnen we oplossen door te kijken hoe zijn rol door de spelers wordt ingevuld. Blanke mensen schminken hun gezicht zwart. Als ze vervolgens gebrekkig Nederlands gaan spreken en de domme clown gaan uithangen, zijn het racisten.
Hoewel het enige tijd geleden is dat ik voor het laatst een Sinterklaasfeest heb bijgewoond, heb ik het idee dat mensen zich vooral zwart schminken om de plaaggeest uit te kunnen hangen.
Verscholen achter het donkere masker kunnen ze buitelingen maken, ze kunnen keiharde pepernoten in de gezichtjes van doodsbange kinderen smijten, ze kunnen dreigen je in de zak te stoppen.
De volwassene die Zwarte Piet speelt, lijkt er meer genoegen in te scheppen om zijn rol te gebruiken om zijn sadistische neigingen uit te leven, dan zijn racistische.
De gekleurde medemens is dan ook misplaatst verontwaardigd, degene die echt verontwaardigd zou moeten zijn is de sadistische medemens die bij het Sinterklaasfeest op schandalige wijze belachelijk wordt gemaakt.
zondag 24 augustus 2014
Toneelstuk
Eén van de aardige aspecten van de menselijke conditie, is dat we allemaal neurotische verhalenvertellers zijn. Zelfs kleine kinderen hebben al in de gaten dat ze een narratieve dekmantel nodig hebben om hun driften cultureel verantwoord te kunnen kanaliseren.
Zo'n narratieve dekmantel noemen we dan bijvoorbeeld 'doktertje spelen'.
De ene dekmantel is ingenieuzer dan de andere, de dekmantel van de Jihad lijkt me één van de meer doorzichtige. Toch kan het geen kwaad ook zo'n dekmantel eens een tijdje demonstratief weg te trekken en te laten zien wat er onder zit. Ik stel dan ook voor dat de Nederlandse media de afkorting IS twee maanden lang vervangen door de afkorting LKMM: Leger der Kansloze en Moordzuchtige Mannen.
Onderdeel van opgroeien is dat we cowboytje en indiaantje vervangen door belastingadviseur en loodgieter. Werk je daar niet aan mee, dan verspeel je je recht op een rol binnen ons toneelstuk.
Zo'n narratieve dekmantel noemen we dan bijvoorbeeld 'doktertje spelen'.
De ene dekmantel is ingenieuzer dan de andere, de dekmantel van de Jihad lijkt me één van de meer doorzichtige. Toch kan het geen kwaad ook zo'n dekmantel eens een tijdje demonstratief weg te trekken en te laten zien wat er onder zit. Ik stel dan ook voor dat de Nederlandse media de afkorting IS twee maanden lang vervangen door de afkorting LKMM: Leger der Kansloze en Moordzuchtige Mannen.
Onderdeel van opgroeien is dat we cowboytje en indiaantje vervangen door belastingadviseur en loodgieter. Werk je daar niet aan mee, dan verspeel je je recht op een rol binnen ons toneelstuk.
maandag 18 augustus 2014
Eikeltjes
Vorige week deelde zomergast Reinbert de Leeuw ons mee dat er twee soorten mensen zijn: zij die de sublieme ervaring van het luisteren naar klassieke muziek kennen en de armzalige soort die deze ervaring niet kent.
'Die mensen zijn eigenlijk een beetje dood', waren Reinberts woorden ongeveer.
Gisteren liet zomergast Ionica Smeets een filmpje zien van de natuurkundige Richard Feyman die verklaarde dat er twee soorten mensen zijn: zij die de sublieme wiskundige principes achter de werkelijkheid leren kennen en zij die in treurige onwetendheid hierover rondploeteren.
Laten we volgend jaar Pluizerd de Eekhoorn als zomergast uitnodigen. Die kan dan verklaren dat er twee soorten dieren zijn: zij die de zalige smaak van eikeltjes kennen, en zij die ronddolen over de aardkorst zonder ooit een enkel eikeltje op te hebben gepeuzeld.
'Die mensen zijn eigenlijk een beetje dood', waren Reinberts woorden ongeveer.
Gisteren liet zomergast Ionica Smeets een filmpje zien van de natuurkundige Richard Feyman die verklaarde dat er twee soorten mensen zijn: zij die de sublieme wiskundige principes achter de werkelijkheid leren kennen en zij die in treurige onwetendheid hierover rondploeteren.
Laten we volgend jaar Pluizerd de Eekhoorn als zomergast uitnodigen. Die kan dan verklaren dat er twee soorten dieren zijn: zij die de zalige smaak van eikeltjes kennen, en zij die ronddolen over de aardkorst zonder ooit een enkel eikeltje op te hebben gepeuzeld.
donderdag 14 augustus 2014
Spaghetti
Het is volgens mij één van de grootste misvattingen rond een organisatie als IS, om deze in eerste instantie als een religieuze beweging te zien. Als je het al religie kunt noemen, dan is het de religie van de voetbal-hooligan.
Alle remmen mogen los, er mag gemoord en verkracht worden en dat ook nog eens gerechtvaardigd door een flinterdun vijgenblaadje van religiositeit.
Had er toevallig een boek over het Vliegende Spaghetti Monster in de buurt gelegen, dan werden we nu op video's door baardige jongens ernstig toegesproken over de verplichting elke avond spaghetti te eten, en anders komen ze helaas, het spijt ze zelf ook heel erg, ons hoofd eraf hakken.
Want zo staat het nu eenmaal geschreven in het Grote Spaghetti Boek.
Alle remmen mogen los, er mag gemoord en verkracht worden en dat ook nog eens gerechtvaardigd door een flinterdun vijgenblaadje van religiositeit.
Had er toevallig een boek over het Vliegende Spaghetti Monster in de buurt gelegen, dan werden we nu op video's door baardige jongens ernstig toegesproken over de verplichting elke avond spaghetti te eten, en anders komen ze helaas, het spijt ze zelf ook heel erg, ons hoofd eraf hakken.
Want zo staat het nu eenmaal geschreven in het Grote Spaghetti Boek.
woensdag 6 augustus 2014
Verval
Er zijn vele redenen waarom een bezoekje aan de Albert Heijn gelijk staat aan een uitstapje naar de hel, maar één van de belangrijkste is toch wel dat je gedwongen bent de Drie Stadia van het Mannelijk Verval © te aanschouwen.
Om te beginnen zijn er de Jongetjes. Deze barsten van levenslust en komen aanrennen met een fles Coca Cola Light alsof ze de Heilige Graal hebben veroverd. Het zij ze gegund, want voor ze het weten zijn ze veranderd in de Volwassen Man.
Bij de Volwassen Man heeft de stille wanhoop al behoorlijk wat gaten in de moraal geslagen, maar als het een beetje meezit heeft hij nog net genoeg energie om op zaterdagmiddag vriendelijk tegen zijn vrouw te blijven als ze hem vraagt of hij niet even kan gaan informeren waar de Libresse Supra Light Ultra Thin Sanitary Plus Night Sensibility ligt, aangezien deze vanwege de bonus vier cent goedkoper is als je er vijfhonderdvijfentwintig van koopt.
Maar ook de Volwassen Man mag zich nog in zijn handjes knijpen, want hij is nog niet in het stadium van de Oude Man beland.
De Oude Man In De Supermarkt laat onbarmhartig zien waar het leven van elke man vroeg of laat op uit zal draaien. Hij heeft geen zichtbare identiteit meer, zoals de Volwassen Man die nog wel heeft. Het is onduidelijk of de Oude Man zijn werkende leven heeft gesleten als CEO van een beursgenoteerd bedrijf, brandweerman, topcrimineel of medewerker administratieve zaken.
Wat wel duidelijk is, is dat dit uiteindelijk geen ene moer meer uitmaakt. Of je nu mensen uit een brandend gebouw hebt getrokken, grandioos de fiscus hebt opgelicht of leiding hebt gegeven aan een miljardenorganisatie, uiteindelijk eindigt elke man als een wat schaapachtig, vaag voor zich uit starend, enigszins verfrommeld figuur die in een volle Albert Heijn van zijn vrouw de wind van voren krijgt omdat hij weer met de verkeerde tomaten aan is komen zetten.
Gedwee laat de Oude Man de liefdevolle beschimpingen van zijn vrouw over zich heen komen, niet luisterend, maar ontroerd kijkend naar een jongetje dat even verderop triomfantelijk een fles Coca Cola Light omhoog houdt.