donderdag 13 oktober 2016

Verontrustend

RGB Free, by vierdrie
Als die Nobelprijs voor de Literatuur voor Bob Dylan een ding duidelijk heeft gemaakt, is het wel hoeveel hekel een heleboel mensen aan literatuur hebben. Naast de oprechte blijdschap dat een favoriet kunstenaar een mooie prijs heeft gewonnen, lees je net zoveel leedvermaak over 'arrogante schrijvers', 'haters' en 'snobs die niet met hun tijd kunnen meegaan.'

  Waar komt al die haat voor literatuur en boeken toch vandaan?

Ik denk dat het komt doordat een boek een grotere inspanning van je vraagt dan de meeste andere kunstvormen. Een liedje glijdt zo naar binnen, voor een film ga je zitten en de acteurs doen de rest. Maar een boek lezen, dat is werken geblazen. Je moet de woorden zelf tot leven wekken, je moet zelf het ritme ontdekken en zelf de beelden produceren.

  En dat kan dus niet iedereen even goed.

 Niet alleen schrijven is een vaardigheid, lezen is dat zeker ook. Laten we het echter vooral niet bij onszelf zoeken, en laten we volmondig verklaren dat literatuur iets is voor elitaire klootzakken, en een dansje maken omdat we muziek vanaf nu ook literatuur mogen noemen. Want stel je voor dat er iets in de wereld zou zijn dat we niet direct kunnen bevatten, dat verontrust ons in hoge mate en hoewel we niet zeker weten waarom, kunnen we de schuld maar het best zo snel mogelijk bij iemand anders neerleggen.


donderdag 6 oktober 2016

Internet

RGB Free, by Zela
Ik trek sprintjes in de schaduw van de kerk. Volgens het internet is het belangrijk om als jogger af en toe ook full-out te gaan: dat is een geweldige boost voor je uithoudingsvermogen. Via een houtje-touwtje systeem met gps en een stopwatch-functie op mijn mobiel stel ik vast dat ik de 100 meter in 13 seconden doe.
  Aangezien Daphne Schippers hem in een kleine 11 seconden doet, ben ik daar aanvankelijk wel tevreden over, totdat een beetje googelen me later leert dat de gemiddelde sportieve mannelijke scholier die 100 meter ook wel in minder dan 13 seconden af kan tikken.

  Dat feestje is dus weer verpest.

 Tussen de sprintjes door sta ik uit te hijgen op een toplocatie: precies naast de achteringang van de lokale banketbakker. Daar is een ophaalpunt voor taarten en andere lekkernijen, zodat er af en toe een jongeman met een ouderwetse koksmuts en een prachtige taart in zijn handen naar buiten komt om die liefdevol in een gereedstaand busje te vleien.

  Alles aan deze jongeman klopt.

  Hij is iets te zwaar, heeft een wat bol gezicht en draagt de taart met een voldane glimlach voor zich uit. Hij is zo uit een prentenboek uit de jaren vijftig weggelopen, de bolle banketbakker die gemoedelijk een taartje voor je inpakt. Dit sfeertje wordt nog eens versterkt doordat er aan de overkant een ouderwetse kroeg zit, en daar weer tegenover zit een kapperszaak.

  Bakker, barbier en kroeg: die hadden vijfhonderd jaar geleden ook al in de schaduw van dezelfde kerk kunnen staan. Een nostalgische kruispuntje al met al, waar ik dus erg tevreden met mezelf en mijn 13 seconden stond te zijn, totdat het verdomde internet alle weer verpeste.

woensdag 28 september 2016

Robot

Het brein van hersenwetenschapper Dick Swaab heeft onlangs een nieuw boek geschreven: 'Ons creatieve brein.' In een interview vertelt Swaab dat hij met een specifieke uiting van creativiteit, het schrijven van romans, niet zoveel heeft:

Tot mijn vijfentwintigste heb ik de Nederlandse literatuur heel goed bijgehouden, alles gelezen, en toen ben ik ermee opgehouden. Ik kreeg elke keer het gevoel dat ik het verhaal al kende. De liefde, en dan alle problemen die daarbij komen, op honderd verschillende manieren.

   Ik zit vaak instemmend te knikken als ik een interview met Swaab lees, maar deze opmerking doet me toch ernstig twijfelen aan zijn overzicht op de menselijke conditie. Geen wonder dat je mensen ziet als een input/output apparaatje, als elke roman die je leest op je overkomt als een 'verhaal over de liefde, en dan alle problemen die daarbij komen.' Ik ben misschien geen hersenwetenschapper, maar volgens mij is er dan toch wel iets ernstig mis met je brein.

  Tel daarbij op dat Swaab geen gezichten schijnt te kunnen onthouden, dat hij rondloopt met een spuitje met een dodelijke injectie voor elk familielid dat tekenen van de ziekte van Alzheimer dreigt te gaan vertonen en dat hij naar eigen zeggen 'autistische trekken' heeft, en de diagnose lijkt me duidelijk: Dick Swaab is een robot.
  En omdat het als robot zo eenzaam tussen alleen maar mensen is, heeft Dick Swaab er zijn levenswerk van gemaakt om aan te tonen dat we allemaal robots zijn: zelfs een robot bevindt zich blijkbaar graag onder bekend gezelschap.

vrijdag 16 september 2016

Rust

RGB Free, by mzacha
Laten we het eens over terminologie hebben. Het vinden van de juiste woorden voor fenomenen is het halve werk om de fenomenen te duiden. Om te beginnen hadden we deze week de treitervloggers, treiterturken, Zaandamse reljeugd, overlastveroorzakers of hangjongeren.

  Ik zou me richten op de psychologische basis en deze figuren 'sadisten' noemen. Aangezien ze hun sadisme vooral op straat uitoefenen, kunnen we er mede uit alliteratieve overwegingen 'straatsadisten' van maken.

  Wat is een sadist?

 Sadisme is plezier hebben aan of genoegen beleven aan het opzettelijk pijn doen of vernederen van een andere persoon of van een dier. In strikte zin gaat het hier om genotsbeleving aan de macht die de 'sadist' heeft ten opzichte van haar/zijn 'slachtoffer'.

Die Zaandamse gasten hebben overduidelijk plezier in het vernederen van hun omgeving en het 'vloggen' vergroot hun machtsgevoel over hun directe omgeving nog eens. De pester is een typische sadist, die Zaandamse eikeltjes zijn half-professionele pesters en als je ze de tijd en ruimte geeft zullen ze ongetwijfeld evolueren tot ISIS-achtige proporties.
  De psychologische basis is er al, van het uitoefenen van terreur door rondhangen en mensen van hun fiets te trekken, hieraan extra plezier beleven door te vloggen, naar mensen onthoofden en in de fik steken en hier nog eens extra in zwelgen door pathetische video's te maken, is het slechts een verschil in gradatie, niet in essentie.

  Ook met mensen die van die vlog-video's genieten is overigens ernstig iets mis: dat is de kring kinderen op het schoolplein die verlekkerd staat toe te kijken hoe het meest dominante klootzakje het pispaaltje staat te vernederen. Het is genieten van sadisme uit de tweede hand.

  Naast de Zaandamse straatsadisten hadden we deze week nog iemand die maar niet met haar tengels van ons af kan blijven. Ik zal Pia Dijkstra niet van sadisme beschuldigen, voor haar heb ik een andere term bedacht: hysterisch altruïsme. Verblind door een hysterische behoefte om donorbehoeftigen te helpen heeft Pia Dijkstra de persoonlijke vrijheid van een complete bevolking opgeofferd.
  De regel zwijgen is toestemmen bij zoiets belangrijks als orgaandonatie is waanzinnig. Om te beginnen is zwijgen zelden toestemmen. Zwijgen is twijfelen, zwijgen is (nu) geen keuze willen maken, zwijgen is de vraag niet gehoord hebben.
  De keuze om in de laatste uren van je leven te dienen als donorreservoir, om met een kloppend hart op de o.k. open gesneden te worden zodat je organen geoogst kunnen worden, waarna je leven definitief beëindigd wordt, is iets wat elk mens actief aan de samenleving zou moeten schenken, en zou nooit iets moeten zijn wat Pia Dijkstra zich even toeëigent omdat je niet op zat te letten of omdat de postbode bezopen was op de dag dat je de brief had moeten ontvangen.

  De pestende sadist en de hysterische altruïst: hun motieven zijn verschillend, maar de les is dezelfde. Blijf met je poten van elkaar af, bemoei je met je eigen zaken en respecteer elkaars natuurlijke grenzen. De rest komt alleen maar ellende van.

zaterdag 20 augustus 2016

Barbecue

RGB free, by mikekorn
'Is de barbecue nog een dingetje? Voelt u zich in uw mannelijkheid aangetast als u hem niet aan krijgt?'

  Deze schijnbaar onschuldige vraag stelt Nathalie Huigsloot aan Fred Teeven in de Volkskrant van 06/08/2016. Ik zeg schijnbaar onschuldig, omdat de heksjes die de Volkskrant volschrijven volledig door het lint zouden gaan als een mannelijke journalist aan een politica zou vragen:

 'Is uw jurk nog een dingetje? Voelt u zich in uw vrouwelijkheid aangetast als u daar geen complimentjes over krijgt?'

  Week na week moeten we in die papieren drol aanhoren wat voor een schande het is om vrouwen 'in hokjes te stoppen', om 'vrouwelijkheid' te definiëren, of om überhaupt te suggereren dat er enig verschil tussen mannen en vrouwen is.
 
  Als een kerel van honderdtwintig kilo zijn baard afscheert en een jurk aantrekt, dan is het verdomme een vrouw, en als je daar een probleem mee hebt ben je een vuile seksistische transgender-basher. Maar dan ondertussen wel lekker zeikerig aan de mannelijkheid van Fred Teeven morrelen: de hypocrisie van een notoire kutkrant in een notendop.   


 

donderdag 11 augustus 2016

Yuri

RGB Free, by mzacha
Er is veel onduidelijk over wat Yuri van Gelder precies gedaan heeft in de nacht van zaterdag op zondag 7 augustus. Er zijn wel vaker sporters een nachtje uit dat olympisch dorp weggebleven, zonder dat dit enige consequenties had. Ook staat er in het contract tussen sporter en NOC*NSF niets specifieks over drankgebruik.

  Dit weerhoudt mensen die zelf nog niet vijf seconden aan de dakgoot zouden kunnen hangen als hun leven ervan afhing echter niet om meteen bestraffend met het vingertje te zwaaien en 'regels zijn regels' te blèren.
  Ga zelf eens een rondje rond je vijver joggen zonder halverwege hijgend in elkaar te zakken, denk ik dan, in plaats vanachter je dikke flatscreen met een Heineken in je hand een topsporter de maat te nemen, zonder dat je enige achtergronden kent. Gelukkig heb ik een bron in het olympisch dorp die me haarfijn kon vertellen wat er gebeurde toen Yuri van Gelder zondagochtend rond 06:00 in beschonken toestand naar binnen waggelde:

  - Hij dook de hotelkamer van de dressuurploeg in waar hij met blote borst bovenop de kledingkast begon te hinniken,

  - Hij kieperde een bak met honderd liter slootwater over Ranomi Kromowidjojo heen terwijl hij haar een 'kromme jojo' noemde,

 - Hij tilde Churandy Martina uit zijn bed, hief hem boven zijn hoofd en rende met Martina in zijn armen vier rondjes om de parkeerplaats, waarbij hij om Martina te sarren precies binnen de lijntjes bleef.

  Hierna drukte hij zich nog even tweehonderd keer op en viel hij achter een struik in slaap. Al deze dingen lijken mij geen enkele reden om de arme man te diskwalificeren. De boze vingertjezwaaiers hebben het steeds over 'volwassenheid', maar behandelen die sporters ondertussen als kinderen in een kleuterklasje die wel braaf naar de juffrouw moeten luisteren.
  Ik hoop van harte dat Yuri dat kort geding morgen wint en maandag alsnog de finale wint, met een vluchtelement waar hij twee opgestoken middelvingers in heeft verwerkt.

vrijdag 5 augustus 2016

Hokje

RGB Free, by TouTouke
In het prachtige boek Dylan - Disc by Disc worden de eerste 36 platen van Bob Dylan besproken door professoren, journalisten en muzikanten. Een leuk concept, de observaties doen je teruggrijpen naar lang niet beluisterde cd's om er met een nieuw oor naar te luisteren.
  Kevin Barents geeft colleges over Bob Dylan aan Boston University (er zijn mindere baantjes denkbaar) en zegt in het boek over Dylan:

  Dylan verandert niet om zich aan te passen aan zijn omgeving, maar om af te wijken van zijn omgeving.

  Een aardige observatie, je zou Dylan inderdaad de ultieme anti-kameleon kunnen noemen. Zet Dylan in een zwarte kamer, en binnen een paar seconden is hij spierwit geworden. Een mooi voorbeeld van die anti-kameleontische kwaliteiten van Dylan kwam ik tegen toen ik door Eat The Document klikte.

  Deze documentaire bevat beelden van de fameuze wereldtour van de Band en Dylan in 1965/1966. Dylan kreeg tijdens die tour van het woedende publiek te horen dat hij een Judas was omdat hij de akoestische gitaar had ingeruild voor elektrische herrie. In onderstaand filmpje is echter te zien dat de anti-kameleon weliswaar uit de folk-scene was ontsnapt, maar dat het rock & roll-wereldje hem ook alweer begon te benauwen.

  In een door drank en drugs verstikte hotelkamer, vol hippe rockers met uitgestreken smoelwerken en zonnebrillen op hun kop, pakt Dylan zijn gitaar om zijn lieflijkste stemmetje op te zetten en een liefdesliedje te zingen. Het is een voorbode van zijn volgende metamorfose: zoals hij in '66 de folkies bruuskeerde door elektrisch te gaan, zal hij een paar jaar later de rockers weer verbijsteren door met hoge stem een gemoedelijk country-album in elkaar de draaien.
  Zodra je de anti-kameleon in een hokje stopt, ben je hem alweer kwijt.