donderdag 28 november 2013

Gered

Fruit from Richmond
Foto: flickr, by Laurel F
Toen de trein begon te rijden, rolde er vanonder de bank voor mij een rood stuk fruit tevoorschijn. Ik ben niet zo goed met fruit. Het leek op een sinaasappel, maar het was net een stukje exotischer. Aangezien op de bank voor mij iemand eten naar binnen zat te werken, kon het goed zijn dat dit roodachtige stuk fruit van haar was en dat het per ongeluk gevallen was.
  Ik hield het stuk fruit in mijn hand en bestudeerde het. Was dit net in een winkel gekocht, of lag het al drie dagen in deze trein heen en weer te rollen? Ik wilde liever niet met een overduidelijk verrot stuk fruit aan komen zetten, en dan vragen of dit soms van haar was. De onprettige gevolgen hiervan zouden legio kunnen zijn.
  Ik besloot het fruit zolang op de lege plek naast mij te leggen, misschien loste dit probleem zichzelf wel op.
  Een kwartier later lag ik met mijn hoofd tegen de ruit te slapen, toen ik ineens iemand in mijn oor hoorde fluisteren. 'Heb jij mijn fruit', vroeg een vrouw zachtjes. Ik schrok me kapot. Ze had zich omgedraaid en hing half over de leuning voor me. Ze wees naar het nog steeds zeer rode stuk fruit, dat een beetje op zijn gemakje op de zitting lag, in een hoekje tussen mijn tas en de leuning.
  'Is dat uw fruit?', vroeg ik, 'ik wist het niet zeker.' 'Wat fijn dat je hem gered hebt.'
  Tien minuten later liep ik, de exotische fruitredder, gewoon, net als de rest van de mensen, over het perron.

maandag 18 november 2013

Eerlijk

Oprah
Foto: flickr, by Michal Story
Gelezen op Twitter: 'Probeer het boek van @isahoes te kopen overal uitverkocht. Geweldig voor haar!'
  Voor degenen die onder een steen zaten en die het even gemist hebben: Isa Hoes heeft een boek geschreven over haar leven met - en de dood van Antonie Kamerling. In de aanloop naar de release van dit boek was al een juichstemming merkbaar en inderdaad heeft men zich massaal naar de boekhandel gespoed om te lezen over de dood van Antonie Kamerling.

  Het werd ook wel een beetje tijd, want die dode vrouw van Kluun, dat weten we nu wel. Bovendien is kanker wel heel erg 2004. Ik heb het boek nog niet gelezen, maar uit interviews maak ik op dat het leven met Antonie geen pretje was. Dan weer depressief, dan weer manisch. En hij scheen op het einde ook nogal veel te twitteren, daar werd Isa behoorlijk gek van.
  Ik voorzie een mooi project voor een sociaal wetenschapper: leg 'Komt een vrouw bij de dokter' en 'Toen ik je zag' naast elkaar en bepaal wat zwaarder is: leven met een vrouw met kanker of leven met een man met een depressie. Want ons gretig aangeboden medeleven moet natuurlijk wel eerlijk worden verdeeld.

donderdag 7 november 2013

Schimmenspel

snowy street
Foto: flickr, by Graeme Maclean
De regen druilt langs het Singel, ik wandel langs donkere grachtenpanden. Op mijn rug de tas met mijn laptop. Hier en daar brandt licht, voornamelijk in de diepte. Trapjes die naar beneden gaan, in Amsterdam speelt het huiselijk leven zich af onder straatniveau.

  In de verte komt een tram tevoorschijn die ik halen wil, maar ik moet wachten met oversteken, een taxi moet eerst voorbij.
  Terwijl de taxi voorbij glijdt, voel ik dat ik bekeken wordt. In de heldere diepte staren twee blauwe baby ogen me aan. Hij is in een kinderwagen voor het raam geparkeerd, de straat fungeert als levende televisie.
  Voor altijd in zijn onderbewustzijn: het profiel van een man, met beslagen brillenglazen in wazig lantaarnlicht. De man heeft een bult op zijn rug, net als de hoofdpersoon uit het boekje waar zijn moeder hem met verbazingwekkende hardnekkigheid elke avond uit voor blijft lezen. Hij staart de man met de bult aan tot de man ineens begint de rennen, het beeld uit.
  Zijn knisperende neuronen draaien overuren.
  Twintig jaar later schrijft hij een verhaal over een schildpad met haast, een geestig meesterwerk dat in twintig talen verschijnt.
  Als ze aan hem vragen, waar hij het verhaal vandaan heeft gehaald, zal hij zeggen dat het hem inviel toen hij als zestienjarige met zijn eerste vriendinnetje in Artis naar twee reuzenschildpadden stond te kijken. Hij zal er zelf heilig van overtuigd zijn, dat dit de waarheid is.

woensdag 30 oktober 2013

En dan naar huis

Zoo Parc Beauval
Foto: flickr, by JoyTek
Eén van de uitdagingen bij het schrijven van een tekst is om veel te zeggen op een zo toegankelijk mogelijke wijze. Niemand heeft zin om door bergen krulzinnen heen te ploegen waar bijna niets in wordt gezegd. Nederlands kampioen veel zeggen met weinig woorden is Remco Campert. Maar ook de onlangs overleden Lou Reed kon er wat van.
  Hij schijnt ook praktisch onluisterbare, barokke symfoniëen gecomponeerd te hebben, maar wat te denken van deze zinnen:

Just a perfect day
feed animals in the zoo
Then later
a movie, too, and then home


Hier zou melancholie-koning Remco Campert zich niet voor hoeven te schamen. De knock-out zit hem in de laatste zin. Dieren voederen in een dierentuin is al vrij melancholiek, daarna naar de film, dat wordt een beetje romantisch en dan, na al die opgebouwde spanning, wat gaan we doen? We gaan lekker naar huis, onder de dekens en slapen.
  Het is mooi geweest, die perfecte dag.
  Geen vuurwerk, geen grote klapper, maar iets dat nog veel meer ontroert: het gevoel dat je had als je als kind, na een uitputtende dag, in de auto van je vader op de achterbank in slaap viel. Het is een grote schrijver die het zo klein kan houden.


vrijdag 25 oktober 2013

Deugdzaam

Jesus
Foto: flickr, by Lukas Plewnia
Een ontwikkelingspsycholoog stelde onlangs in de Volkskrant dat Westerse Jihadisten voor de kick in Syrië gaan vechten. De jeugdige vrijheidsstrijders maken op die manier in de meest letterlijke zin van het woord van de nood (verveling) een deugd (idealisme). Het is een listig mechanisme dat je wel vaker ziet. Bij mensen met weinig geld bijvoorbeeld, waarbij de nood van de armoede wordt omgezet in de deugd van het leiden van een 'eerlijk bestaan'. En waarbij rijke mensen worden weggezet als egoïstische bladblazers die zich hautain in hun witte villa's opsluiten.
    Nederlands kampioen in deze morele trucage is de besnorde voetbalanalist Johan Derksen. Was hij een matige voetballer, dan was dat omdat hij liever in de kroeg hing en als een echte kerel achter de vrouwen aanzat. Heeft iemand kritiek op de belabberde boekjes die hij uitgeeft, dan houdt hij een tirade tegen snobistische grachtenpanduitgeverijen en slaat hij zich genoegzaam op de borst omdat hij weet wat het volk echt wil.
  Zelfs kritiek op zijn sterke verhalen over prostitué-bezoek weet de sluwe vos nog terug te kaatsen als moreel falen van zijn criticasters (alleen saaie lullen gaan naar een museum, een man die een beetje deugt gaat naar de hoeren). Hoe sterker de kritiek op zijn seksistische machismo, hoe meer Derksen opzwelt als het toonbeeld van mannelijke deugdzaamheid. Het is slechts wachten op zijn hemelvaart, waarna de studio van RTL 7 zal transformeren tot een pelgrimsoord voor zeer deugdzame, diep-religieuze voetbalsupporters die wereldwijd het gospel van Derksen verkondigen.

zondag 20 oktober 2013

Nachtkusje

Teddy Bear Photoshoot 11
Foto: flickr, by longzijun
Het is gebeurd met Dick Advocaat. Je zag het in zijn ogen na de overwinning op SC Cambuur. De journalist stelde precies de verkeerde vragen. Hoe lang Dick nou al met voetballen bezig was? Hoe het toch kwam dat hij het nog steeds zo leuk vindt? En, de genadeslag, of hij de overwinning ging vieren met een bitterballetje.
  Volledig ontmanteld, gedegradeerd tot nationale knuffelbeer. Die gekke Dikkie Dick die nog steeds zo leuk langs de lijn loopt te hollen. Kijk eens hoe hij tekeergaat. De journalist kriebelde Dick nog net niet even onder zijn kinnetje:  'Wie is er dan een knappe voetbaltrainer? Wie is er dan een stoere jongen?' En Dick maar knorren van tevredenheid.

Maar Dick Advocaat is niet achterlijk, hij lachte dapper mee, hij probeerde het gesprek weer naar de wedstrijd te sturen. Kansloze missie. Het is wat we het liefste doen: mensen degraderen tot kleuters. Het geeft ons een veilig gevoel. Fractieleiders moeten tijdens een debat op een grote rode knop drukken en binnen een minuutje antwoorden. Het liefst zouden we ze een pak op de billen geven als ze niet netjes doen wat de bedoeling is.
  Het hele land veranderden in één grote aflevering van 'Ik hou van Holland', 24 uur per dag de sfeer van een kinderfeestje, we zouden er een moord voor doen.
  We hebben er nog maar een paar: stuurse mannen die zo wild om zich heen blijven slaan, dat ze nog niet zijn geïnfecteerd. Louis van Gaal, Gert-Jan Verbeek. Dappere strijders die vandaag weer een makker hebben zien vallen. Arme Dick, na al die jaren toch nog ingekapseld, ingezwachteld en in zijn wiegje gelegd.
  Op de gang klinkt het geluid van hakjes, getrippel dat steeds dichterbij komt. Dick staart naar het plafond, de klink gaat omlaag. Als hij het geluid van een springende hechting hoort, sluit hij zijn ogen, hij weet wat er komen gaat. Het nachtkusje van Linda de Mol.

maandag 14 oktober 2013

Breinbrekers

Het jaarlijkse boek over Literatuur en Geneeskunde dat mede mogelijk gemaakt wordt via het VUmc richtte zich dit jaar op de hersenen. Op het symposium dat bij de boekpresentatie in het VUmc gehouden werd, droeg onder andere Mark Boog gedichten voor. Ook stuiterde er een arts de collegetrappen af om het boek in ontvangst te nemen.
  Na het symposium stortte het publiek zich massaal op de uitgestalde exemplaren en de drank. Een wat oudere man ging rond met bitterballen. 'Sommige mensen pakken een hele hand vol', vertrouwde de man ons toe, 'maar daar mag je dan niets van zeggen'.
 
Miquel Bulnes dronk een drankje mee, hij had zojuist de literaire lezing verzorgd waarin meerdere keren een Utrechtse Albert Heijn voorbijkwam waar ik zelf ook geregeld kwam. Bulnes is een microbioloog die soms een paar maanden vrij neemt om in een uitgestorven Spaanse bibliotheek een boek te schrijven, iets wat op zichzelf al weer een aardig uitgangspunt voor een roman zou kunnen vormen.
  Als auteur van één van de 27 essays in het boek mocht ik gratis drie exemplaren meenemen, het voelde alsof ik de boel oplichtte. Waarom? We kunnen ons voor die vraag tot de wetenschap richten, die ongetwijfeld zal beginnen over neurotransmitters, dopamine, serotonine. Machtig interessant, maar laten we de poëzie ook niet vergeten:

Wij zijn o.a. ons brein - Mark Boog

Wij zijn o.a. ons brein.
Ook zijn wij lichaam
in een bescheiden
strekke tijds

In de handelingen
opgetekend:
aanwijzingen
voor het een of ander.

Wij lijken soms
onfalsifieerbaar.
Maar we houden vol.
We ontkrachten ons.