dinsdag 14 september 2010

Kat

Foto: Flickr, by eva101
Het is Suikerfeest. Vrouwen lopen met schalen eten heen en weer, jongens hangen rond op straathoeken. Een groepje van drie lokt een kat mee naar binnen. Het is de kat van onze buren. De buurjongen staat in de garage zijn fiets te maken.

‘Ze hebben jullie kat mee naar binnen genomen’, zeg ik tegen hem. Hij legt een tang neer en kijkt me aan.

‘Wie?’ ‘Drie jongens die hier tegenover op bezoek zijn.’

‘Marokkanen?’ ‘Ik denk het wel.’

Hij denkt even na. Er zit smeer op zijn gezicht, hij heeft een blauwe overall aan. De grond ligt bezaaid met gereedschap, het voorwiel van de fiets leunt tegen garagemuur.

‘Ze vieren Suikerfeest?’ ‘Ja.’ ‘Zouden ze dan katten in de pan doen?’

'Geen idee.'

‘Ik ga er wel naartoe.’

Hij belt aan bij de mensen die Suikerfeest vieren. Ik blijf staan op een afstandje, ik zie hem gebaren, de drie jongens komen tevoorschijn, een oudere man, nog een oudere man, vrouwen met doeken om hun haar. Er wordt steeds luider gepraat, tot de eerste begint te schreeuwen. De vader van de buurjongen komt de straat inrijden, als hij ziet wat er aan de hand is rijdt hij recht op het groepje af en springt uit zijn auto. De eerste duw wordt uitgedeeld.

‘Wij weten van geen kat’, hoor ik iemand schreeuwen. ‘Hij heeft het toch zelf gezien’, schreeuwt de buurjongen, en hij wijst naar mij. Iedereen kijkt mijn kant op, ik zie de drie jongens zachtjes het huis binnengaan. Het hele groepje beweegt zich in mijn richting en juist op het moment dat ik er vandoor wil gaan, voel ik iets langs mijn benen strijken. Het is de kat.